valpreventie

Delen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on email
Share on whatsapp

Valrisico’s en hun oorzaken [Partnerinfo]

Risicofactoren voor vallen kunnen helpen bij het in beeld brengen van hoe kwetsbaar iemand is met betrekking tot de kans om te vallen. Sommige factoren zijn nog nooit bij ons opgekomen, maar wanneer we erover nadenken zijn deze heel logisch. Het is een goede afvinklijst om zelf een keer na te gaan hoe ons eigen valrisico eruitziet en op welke punten we extra voorzichtig kunnen zijn.

De belangrijkste risicofactoren

  • Cognitieve problemen
  • Mobiliteitsproblemen (balans, lopen, spierkracht)
    Een eerdere val hebben gehad
  • Medicijngebruik (psychofarmaca, polyfarmacie)
  • Problemen met algemene dagelijkse levensverrichtingen (*ADL)
  • Gewrichtsproblemen
  • Verminderd gezichtsvermogen
  • Valangst
  • Duizeligheid
  • Voetproblemen
  • Ondervoeding
  • Risico’s in de leefomgeving
  • Depressiviteit
  • Pijn
  • Passiviteit

De meest voorkomende oorzaken bij vallen

De hierboven genoemde factoren kunnen we in een wat praktischere manier onderverdelen in twee groepen: lichamelijke factoren en omgevingsfactoren.
Er zijn heel wat elementen om ons heen die voor een val kunnen zorgen. We kennen immers allemaal het gezegde ‘een ongeluk zit in een klein hoekje’. Sommige factoren zijn echter vaker de oorzaak van een valpartij dan anderen. Deze factoren noemen we risicofactoren voor vallen.
De meest voorkomende factoren zijn persoonsgebonden en omgevingsgebonden.

Persoonsgebonden factoren

  • Moeilijkheden hebben met cognitieve functies zoals aandacht, concentratie, zich oriënteren, maar ook inzicht hebben en plannen maken.
  • Verminderd evenwicht waardoor men minder in balans is en moeilijker in beweging komt.
  • Kwetsbaarder omdat iemand al eerder is gevallen waardoor ‘valangst’ kan ontstaan.
  • Medicijngebruik zoals stemmingsstabilisatoren en andere psychofarmaca die nadelig zijn bij valpreventie.
  • Duizeligheid, zich verward voelen, verminderd bewustzijn en desoriëntatie. Ook zich ‘licht in het hoofd voelen’ bijvoorbeeld bij het te snel opstaan.
  • Incontinentie, vaak naar het toilet moeten gaan zeker ‘s nachts.
  • Verslechtend hoor-en gezichtsvermogen, vooral zichtgerelateerde problemen zijn problematisch.
  • Hallux-valgus of een voetknobbel, of andere voetproblemen kunnen het evenwicht ernstig verstoren.
  • Artritis en gewrichtsproblemen in het algemeen.
  • Ondervoeding en de gevolgen hiervan, zoals osteoporose of een gebrek aan vitamine D en calcium.
  • Pijn kan ervoor zorgen dan men minder mobiel is en zich minder stabiel voelt, wat dan weer in vallen kan resulteren.
  • Het is van groot belang om in beweging te blijven en oefeningen te doen die de spierkracht, coördinatie en het evenwicht versterken.

Omgevingsgebonden factoren

  • Natte of gladde vloeren zowel binnen als buiten.
  • Schoenen die geen houvast of stabiliteit bieden.
  • Instabiele meubels waar men geen houvast aan heeft, loszittende tapijten of tapijten in het algemeen.
  • Geen of onvoldoende steunpunten in de woning en in het bijzonder in de badkamer.
  • Plekken in huis of buitenshuis die niet voldoende verlicht zijn of geen helder licht geven.
  • Een omgeving waar men niet bekend mee is en waarin men daardoor minder snel kan reageren indien nodig.
  • Onrustig verkeer buiten kan voor stress en desoriëntatie zorgen.
  • Hoge opstapjes buiten of bijvoorbeeld een oneven grond of losse stoeptegels.
    Problemen met *ADL, hoe zelfredzaam iemand is. Iemand heeft problemen met o.a. eten, drinken, bewegen, in en uit bed/bad komen, persoonlijke hygiëne, maar ook ontspanning en reizen.

Valpreventie bij thuiswonende ouderen

35% van alle thuiswonende 65-plussers valt ten minste één keer per jaar. Eén derde van deze 35% valt zelfs meerdere keren per jaar.

Uit onderzoek is gebleken dat vooral het hebben van mobiliteitsproblemen voor senioren een belangrijke risicofactor is. Denk hierbij aan stoornissen in het evenwicht, looppatroon en verminderde spierkracht. Valpreventiecursussen kunnen hiervoor een goede uitkomst zijn en het valrisico verminderen. Zeker wanneer men werkt aan het versterken van de spierkracht en daardoor het evenwicht verbetert.

Welke maatregelen kunnen nog worden genomen bij thuiswonende ouderen?

  • Aanpassingen aan de woonomgeving
  • Evaluatie van het medicatiegebruik
  • Schoeisel
  • Verbeteren van het evenwicht

Bron: stannah.be

Scroll naar top